Medische Geneeskunde Cultuur Engeland
Geneeskundige cultuur in Engeland
Medisch historicus Deborah Lupton merkt op dat in Engeland tussen 1660 en 1850 zowel artsen als leken de goede gezondheid beschouwden als een resultaat van de goede werking van de individuele constitutie. Zulke zienswijzen verklaren mogelijk de aanpassing en de positieve ontvangst van homeopathie, die dit begrip van de constitutie erkent en centraliseert. Helman bevestigt deze zienswijze van Lupton door te beweren dat er in Engeland altijd al een traditionele ‘volkssector’ was geweest, een medische sector buiten de gevestigde medische orde waarin alternatieve therapieën de ruimte vonden om mensen aan te trekken, onder meer op basis van deze zienswijze. Sinds 1900 wordt deze ruimte vooral opgevuld door de homeopathische lekenbeweging; in het verleden werd deze arena bevolkt door traditionele gebedsgenezers, zigeunerwaarzeggers en helderzienden.
Het Verenigd Koninkrijk heeft een tamelijk unieke medische cultuur die vele verschillen vertoont met de Amerikaanse medische cultuur. Engelse patiënten bezoeken hun artsen gemiddeld slechts 6 minuten. Artsen onderzoeken de patiënten nauwelijks en schrijven veel minder voor dan hun Amerikaanse tegenhangers. Over het geheel genomen zijn Britse aanbevelingen meer voorzichtig dan genereus. Dit wordt deels veroorzaakt door het gebrek aan financiering aan de kant van de National Health Service (NHS). De medische economie in Engeland is ook veel kleiner en medicijnen zijn duurder dan bijvoorbeeld in Amerika. Artsen worden gedeeltelijk per patiënt betaald. Zodoende kan een arts alleen zijn salaris verhogen door zoveel mogelijk patiënten op zijn lijst te krijgen en ze snel te behandelen. Bijgevolg is een artsentekort een groter gevaar dan een artsenoverschot in het Verenigd Koninkrijk. De positie van de orthodoxe geneeskunde is desondanks onaantastbaar in het Verenigd Koninkrijk en het blijft zeer dominant. De medisch-wetenschappelijke gevestigde orde is altijd al ietwat negatief geweest ten opzichte van de homeopathie, ondanks het feit dat homeopathie vrij goed geïntegreerd is in ziekenhuizen en klinische zorg. Er zijn geen belangrijke indicaties dat deze houding ten opzichte van homeopathie aan het veranderen is. Toch lijkt dit de opinie en praktijken van Britse artsen niet te hebben beïnvloed, die homeopathie verrassend sterk verdedigen. Het British Medical Journal publiceerde onlangs een overzicht van de houding van Britse artsen ten opzichte van beoefenaars van de aanvullende geneeskunde.Het overzicht liet zien dat 42% van de artsen aangaven patiënten naar homeopaten te hebben doorverwezen. Een andere studie gepubliceerd in The Times staafde dit getal: het vertoonde een verwijzingspercentage van 48%.
-
Nieuwsbrief
Schrijf u in
-
Discussieer hierover in het forum
Naar het forum

