Het menselijk skelet

cursus of lezing homeopathie volgen?

Het Menselijke Skelet

Het menselijk skelet bestaat uit botten, welke de structuur en stevigheid aan het lichaam geven.

Verdeling van het skelet systeem
1.    Axiale skelet
2.    Appendiculaire skelet

menselijke-skeletHet axiale skelet bestaat uit botten gearrangeerd rondom de lichaamsas.
Delen van het axiale skelet zijn: schedel, gehoorbeentjes, hyoïd of tongbeen, wervelkolom, borstbeen en ribben. Het appendiculaire skelet bestaat uit botten van de gordels en de bovenste- en onderste ledematen. Delen van het appendiculaire skelet zijn: schoudergordel, botten van de bovenste ledematen, heupgordel en botten van de onderste ledematen.

Typen botten:
Naar vorm zijn botten als volgt geclassificeerd:
1.    Lang
Grotere lengte dan breedte. Licht gekromd t.b.v. sterkte. Bestaan uit een schacht met uiteinden. Meestal compact botweefsel in de diafyse en sponsachtig botweefsel in de epifyse. Komen vooral voor in de ledematen, handen, voeten.
2.    Kort
Bijna gelijk in lengte en breedte. Ietwat kubusachtig gevormd. Bestaan uit sponsachtig botweefsel, behalve aan het oppervlakte waar een dunne laag compact botweefsel is. Plaats: pols- en enkelbotten.
3.    Plat
Dun, bestaande uit twee bijna parallel lopende platen van compact botweefsel met daartussen een laag sponsachtig botweefsel. Zorgen voor bescherming en creeren gebieden voor spieraanhechting. Plaats: schedelbotten, borstbeen en ribben.
4.    Irregulair
Complexe vormen.Varieren in compact en sponsachtig botweefsel. Plaats: Rugwervels, heupbotten, sommige schedelbotten en het hielbeen.
5.    Sesamoid (sesambeentjes)
Sesambeentjes ontwikkelen in spieren en ligamenten.
Het zijn kleine beentjes in de vorm van sesamzaadjes die in de omgeving van sommige gewrichten (aan vingers en tenen) worden aangetroffen, nl. in het verloop van pezen en in gewrichtskapsels.
Ook de knieschijf is een sesambeen.

Een ander type bot is meer naar locatie dan naar vorm geclassificeerd, nl. Suture bot.
Dit zijn kleine botjes, beenstukjes,in de hechtingen van sommige botten (Sutures zijn onbewegelijke gewrichten), bijvoorbeeld de naden van schedelbotten.

Oppervlakte markeringen zijn structurele kenmerken zichtbaar aan het oppervlakte van bot.
Elke markering – een indeuking, een opening, of een uitsteeksel – is gestructureerd voor een speciale functie zoals gewrichtsformatie, spieraanhechting of passage van zenuw- en bloedvaten.

Het Axiale skelet
Wervelkolom
De 26 botten van de volwassen wervelkolom zijn:
-    7 cervicale wervels
-    12 thoracale wervels
-    5 lumbale wervels
-    Heiligbeen, bestaande uit 5 vergroeide wervels
-    Coccygus, stuit- of staartbeen, bestaande uit 4 vergroeide wervels.

De volwassen wervelkolom bevat 4 normale curves (cervicaal, thoracaal, lumbaal en sacraal), die zorgen voor kracht, ondersteuning en balans.
Elke wervel bestaat meestal uit een body, een wervelboog en 7 uitsteeksels.
In de verschillende regionen van de wervelkolom varieren de wervels in maat, vorm en detail.

Borst, borstkas
Het thoracale skelet bestaat uit het borstbeen, de ribben, het ribkraakbeen en de thoracale wervels.
De thoracale kooi beschermt vitale organen in het borstgebied en het bovenste buikgebied.

Het appendiculaire skelet
Schoudergordel
Elke van de twee schoudergordels bestaat uit een sleutelbeen en een schouderblad.
Elke schoudergordel verbindt een bovenste ledemaat aan het axiale skelet.

Bovenste ledemaat
Elke van de twee bovenste ledematen bestaat uit 30 botten.
Botten van elke bovenste ledemaat zijn: humerus, ulna, radius, carpals, metacarpals en phalanges.

Heupgordel
De heupgordel bestaat uit twee heup botten.
Elk heupbot bestaat uit 3 samengegroeide botten: ilium, pubis en ischium.
De heupbotten, het heiligbeen en het schaambeen vormen het benige bekken.
Het ondersteunt wervelkolom en bekken en verbindt de onderste ledematen met het axiale skelet.

Onderste ledemaat
Elk van de twee onderste ledematen bevat 30 botten.
Botten van de onderste ledematen zijn: femur, patella, tibia, fibula, tarsals, metatarsals en phalanges.
De botten van de voet zijn gearrangeerd in twee gewelven, in de lengte (longitudinal) en overdwars (transverse), voor ondersteuning en kracht.

Ontwikkeling van het skelet
Botten worden gevormd vanuit het mesoderm door intramembraneuze of endochondrale verbening (ossificatie).
Ledematen ontwikkelen vanuit de ledemaatknopen, die bestaan uit mesoderm en ectoderm.

Kaak en bovenste ledematen:
Verhoudingen min of meer gelijk.
Kaak komt uit dezelfde mesenchymale structuur als de ledematen.
Kaak wordt ook wel “ledematen van het hoofd” genoemd.
Kaak is onderdeel van het ledematen-systeem.
Kaak is het enige dat kan bewegen in het hoofd, het enige dat iets vast kan pakken.

Er is een verschil in hoofd, borst en buik met wat er met de buitenwereld gebeurt.
Buik: buitenwereld wordt vermorzeld.
Borst : buitenwereld wordt omgevormd
Hoofd: buitenwereld wordt waargenomen/binnengehaald.

Functionaliteit is gekoppeld aan skelet:
Hoofd – niet fysiek
Borst – er moet interactie kunnen plaatsvinden
Buik – vertering, moet er weer uit kunnen.

Ledematen zijn verbonden met activiteit / verbonden met het buiksysteem.
Buik zorgt ervoor dat activiteit gedaankan worden (potentie, levert brandstof), ledematen doen de activiteit.
In de buik: spijsvertering. Spijsvertering is dus gekoppeld aan de ledematen.

Hoofd en buik vormt functionele polariteit, vormt een twee-eenheid.
Borst ertussen – bemiddelen.

Afgesloten vormen    hoofd            denken
Half open vormen    borst            willen
Gestrekste vormen    buik/ledematen    voelen

Zes belangrijke functies van het skelet systeem:
1.    Ondersteuning.
Ondersteunt zachte weefsels en zorgt voor aanhechting van skeletspieren.
2.    Bescherming.
Beschermt interne organen. Bijv.: schedelbotten beschermen de hersenen, wervels beschermen het ruggenmerg, ribben beschermen hart en longen.
3.    Assistentie bij beweging.
De meeste skeletspieren zijn verbonden met botten. Als ze samentrekken trekken ze aan botten om beweging te produceren.
4.    Opslag en distributie van mineralen.
Botweefsel slaat verschillende mineralen op, vooral calcium en fosfor, die bijdragen aan de kracht van de botten. Bij vraag daarnaar laat bot mineralen vrij in het bloed om kritieke mineralen in balans te houden en om mineralen te verspreiden naar andere delen van het lichaam.
5.    Productie van bloedcellen.
Bevat rood beenmerg, dat bloedcellen produceert. Dit proces noemt men hemopoëse (bloedaanmaak).
6.    Triglyceriden voorraad.
Bevat geel beenmerg, meestal vetcellen, die triglyceriden opslaan. Dit is een potentiele chemische energie reserve.


© HomeopathieNetwerk Sinds 2008 | HomepathieNetwerk is een onafhankelijk initiatief van drs. J.T.H.J. Dekkers en beoogt verspreiding, kennis- en netwerkvergroting van Homeopathie en Gezondheid in Nederland en Nederlandstalige gebieden.

Artikelen op HomeopatieNetwerk.nl, alsook onze nieuwsbrief, lezingen en cursussen, zijn uitsluitend bedoeld om de bezoeker te voorzien van informatie. Bij chronische, ernstige klachten, neem altijd een klassiek homeopaat in de arm. De Homeopaat maakt nu onderdeel uit van de officile lijst der erkende beroepen 2010-2011.